In gesprek met Bert en Tuba

Al bijna een jaar zijn Bert Felix en Tuba Ağkaş Özcan taalmaatjes. Voor het oefenen van de Nederlandse taal zoeken ze vaak de Bibliotheek op. In dit interview vertellen zij hun ervaringen als taalkoppel. “Het is een verrijking om iets te kunnen betekenen en daar waardering voor te krijgen”, zegt Bert.

Achtergrond

Bert (68) is al sinds 2016 taalmaatje. Hij studeerde Nederlands aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Vervolgens deed hij de parttime studie journalistiek aan de Hogeschool van Utrecht en ging aan de slag bij het Deventer Dagblad (de Stentor). Eerst als eindredacteur en later als verslaggever.

Na zijn vervroegd pensioen in 2016 begon hij met een cursus Italiaans, werd lid van de leesgroep Beeckestein en maakte lange fietstochten in het buitenland. Ook werd hij taalmaatje en is sindsdien gekoppeld geweest aan verschillende deelnemers met uiteenlopende taalniveaus en achtergronden. Met sommige van hen houdt hij nog steeds contact.

Zijn achtergrond als Neerlandicus ziet Bert niet als voorwaarde om taalmaatje te worden. “Iedereen kan dit doen. Ik geef ook geen les, we doen het echt samen. Ik ga daarbij altijd uit van: ‘u vraagt, wij draaien’ en stem wat we doen af op wat de deelnemer wil leren”, vertelt Bert.

Gevlucht

Sinds bijna een jaar is Bert gekoppeld aan Tuba Ağkaş Özcan (38). Tuba komt uit Turkije. Ze is getrouwd met Halil en samen hebben ze een zoon, Asim (8). Tuba haalde in 2008 haar doctorsgraad in de Engelse taal en letterkunde. Ze werkte als onderzoeksassistent aan de universiteit in Ankara, totdat zij door de politieke situatie in het land werd ontslagen, net als haar man die docent Engels was aan de militaire academie. Ook werden hun paspoorten ingenomen.

In 2021 ontvluchtten het gezin Turkije. Ze maakten een lange reis via Griekenland en Spanje naar Nederland. Vanuit Ter Apel kwamen ze terecht in het AZC in Schalkhaar. Een jaar later kregen ze een verblijfsvergunning en een huis toegewezen. Eind 2022 begon Tuba met de inburgering (B1) bij TopTaal. Inmiddels heeft ze via zelfstudie taalniveau B2 gehaald. 

Nederlandse cultuur

Bert en Tuba kijken terug op hun koppeling die binnenkort stopt. “Toen we aan elkaar gekoppeld werden, had Tuba al een behoorlijk taalniveau. Ze wilde graag over allerlei onderwerpen praten, die zij ook zelf aandroeg”, vertelt Bert. “Ik wil weten over de Nederlandse cultuur en gewoontes. Bert geeft veel informatie, uitgebreid en genuanceerd. Ik maak aantekeningen over de betekenis van woorden en over hoe je iets formuleert”, vult Tuba aan.  

In het afgelopen jaar hebben ze veel gekeken naar het NOS Journaal in makkelijke taal op YouTube. Tuba kijkt ook vaak naar NOS op 3 voor heldere uitleg bij het nieuws. “Ik ben geïnteresseerd in politiek en geschiedenis. Dit kanaal geeft in 15 minuten informatie over landen en hun geschiedenis”, zegt ze. “Ik heb er ook van geleerd”, vult Bert glimlachend aan.

Tuba heeft in de afgelopen tijd geprobeerd zo snel en goed mogelijk te integreren. Ze gaf onder meer vrijwillig les aan vluchtelingen via het EAN (English Academy for Newcomers) in Utrecht en is momenteel vrijwillig klassenassistent bij Vluchtelingenwerk. In de nabije toekomst wil ze administratief werk vinden of als lerares Engels aan de slag.

Thuis voelen

Tuba en Bert hebben elkaar goed leren kennen. Ze zien elkaar wekelijks in de bibliotheek en komen ook bij elkaar over de vloer. “Vorig jaar zomer zijn we met Tuba’s vader naar Paleis het Loo gegaan en zoon Asim was al bij ons thuis. We hebben met hem gesjoeld en Lego gespeeld”, aldus Bert. “Ik ben heel blij met Bert. Ik voel me thuis bij hem en zijn vrouw Laury. Ze voelen een beetje als familie”, vertelt Tuba.

“Het is een verrijking om iets te kunnen betekenen en daar waardering voor te krijgen. Er waait een ruwe wind over de vluchtelingen, maar gelukkig zijn er ook mensen die daar anders over denken. Ik voel me verantwoordelijk om na een jaar weer beschikbaar te zijn voor een nieuwe deelnemer, maar zal zeker met Tuba contact houden”, aldus Bert.

Terug naar startpagina